New social learning: niets nieuw onder de zon… of toch? 3/3

Het boek The new social learning’ van Tony Bingham en Marcia Conner staat vol met leuke voorbeelden en interessante best practices. Ze komen allemaal  uit organisaties die met sociale tools hun medewerkers stimuleren om informatie te delen, samen te leren, innovatie te vergemakkelijken en in sommige gevallen zichzelf heruitvinden.  Sta je als organisatie op het punt een Enterprise Social Network (ESN) op te starten?  Lees dan zeker dit boek. Het bevat concrete stappen, strategieën, veelgemaakte fouten, etc.

The New Social Learning

Ik haal in deze blog enkele van deze best practices aan die iedereen kan gebruiken die zich in een ESN-avontuur wil storten. Ik heb ze voor het lezersgemak in 2 categorieën gegoten

Bij het lanceren

  • Zo vertellen ze het verhaal van een Aziatisch elektronicabedrijf waar de verantwoordelijke voor sociaal leren is gestopt met zijn nieuwsbrieven via e-mail te schrijven en te verspreiden. In de plaats daarvan schreef hij een inleidende zin en begon een tweede maar stopte in het midden van de zin en creëerde hij een cliff hanger die eindigt met de mededeling waar je de rest van het interessante verhaal kan vinden op het sociale platform. Daar vond de lezer bovendien nog meer zeer interessante info. Op deze manier zien medewerker snel de meerwaarde in van het ESN
  • Zorg dat er bij de lancering al van alle interessante info in de ESN zit. Zo zullen vroege bezoekers onmiddellijk meerwaarde zien.
  • Schaf andere kanalen radicaal af. Als je bijvoorbeeld beslist om Sharepoint sites te gebruiken, blijf dan geen info delen of samenwerken via e-mail of dropbox.
  • Reserveer op je ESN ruimte voor nieuwkomers in je organisatie. Verzamel daar alle nuttige info waarvan je wou dat je ze zelf vanaf dag 1 geweten had: de beste plekken voor lunch, de rustige wegen om langs te fietsen, bepaalde aspecten van je organisatiecultuur zoals dress code, verjaardaggewoontes, etc. Je nieuwe collega’s zullen zeker geïnteresseerd zijn en zo ineens kennismaken met de ESN.
  • Zoek uit of er groepen collega’s zijn die al sociale tools gebruiken om beter te werken. Is er een facebook of whatsapp groep die info uitwisselt? Spreek met de gangmakers van die groepen en vraag of ze hun groep organisatiebreed zouden willen uitrollen via de ESN.

Eens goed gelanceerd

  • Luister goed, ook naar de critici van je ESN tools door hen een eigen groep te geven. Door goed te luisteren, vind je wellicht manieren om hen gunstiger te stemmen en te overtuigen om mee te doen. Hou deze groep echter in de gaten zodat je ook kan reageren/ingrijpen als het uit de hand loopt.
  • Een van de meest interessante ideeën is voor mij deze. Creëer een groep gewijd aan geruchten die in een organisatie leven. (Komt er een fusie? Verhuizen we het hoofdkantoor naar een andere stad?) Engageer je als organisatie om al deze geruchten te beantwoorden met eerlijke informatie. Waarschijnlijk wordt dit één van de populairste groepen en zullen ook de sceptici deze bezoeken en zo dus ook de andere voordelen ontdekken. Bijkomend voordeel is dat mensen minder tijd steken in het speculeren over wat er aan is van alle geruchten.
  • Als het nieuwe sociale leren (‘bezig zijn op het platform/ESN’) een extra taak wordt op je reeds te lange to do-lijst wordt, is de kans groot dat het moeilijk wordt om het platform te laten leven binnen je organisatie. Demonstreer daarom allerlei manieren waarop mensen dit kunnen integreren in hun workflow. In sommige organisaties krijgen mensen een half uur per dag tijd (die zij in hun agenda kunnen noteren) om bezig te zijn met de sociale tools. Over een dergelijke maatregel – de leerjoker – heb ik eerder deze blog geschreven.
  • Hoe weet je dat je ESN succesvol. Er zijn allerlei maatstaven om het succes te meten zoals de auteurs ook bespreken in hun boek. Zo hebben ze een aantal benchmarks voor ‘overall adoption’, de mate waarin medewerkers het platform bezoeken en gebruiken:
    • Als 25% van je medewerkers 1 keer per maand het platform bezoeken, begin je een betekenisvolle impact te hebben.
    • Als 50% van je organisatie maandelijks het platform bezoekt, kan je zeggen dat de sociale tools geïntegreerd geraken in je manier van werken.
    • Als je je platform gebruikt als intranet, dan is de kans groot dat de actieve deelname redelijk laag is (5 tot 10% unieke bezoekers die ook actief posten)
    • Als je je platform gebruikt om samen te werken of andere interactief werken, dan ligt het aantal actieve bezoekers waarschijnlijk groter. ( bijvoorbeeld 25 tot 75% unieke bezoekers die ook actief deelnemen).
    • Het is normaal dat vele mensen het platform zullen bezoeken zonder actief deel te nemen. Dit gedrag heet ‘lurken’ in het vakjargon. Het zijn lurkers. Het is belangrijk dat je begrijpt, dat lurkers ook veel kunnen hebben aan het platform. Ze voelen zich echter meestal niet geroepen om actief deel te nemen. Dat wil niet zeggen dat ze niet leren.

Het nieuwe sociale leren deelt vele eigenschappen met communities of practice. Volgens mij is dit een van de plaatsen waar het toekomstige L&D zich zal afspelen. Daarom heb ik daar al heel wat blogs over geschreven. Je kan bovenaan de blogpagina van deze site deze filter instellen om deze blogs te vinden. Je kan bovendien de zeer praktische online opleiding over  dit thema volgen: het doe-het-zelf-pakket ‘Community of practice’. Ontdek het hieronder.

Word een pro

Een community of practice opzetten en levendig houden kan je leren! Met de online opleiding ‘Doe-het-zelf-pakket communities of practice kan je onmiddellijk aan de slag.

Bekijk de opleiding

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *