New social learning: niets nieuw onder de zon… of toch? 2/3

Wat is het sociale leren? Tony Bingham en Marcia Conner definiëren in  hun boek ‘New Social Learning’ dit begrip als volgt: ‘Social learning can be defined as joining with others to make sense and create new ideas’.  Dus als je naar het bureau van je collega loopt om iets te vragen, doe je aan sociaal leren. Dit sociale leren wordt versterkt en verrijkt door sociale media omdat deze afstanden in tijd en locatie overbruggen. Je kunt diezelfde vraag nu stellen aan mensen die zich ergens anders bevinden, van op een ander continent tot in een ander bedrijf.

The New Social Learning

 

Het nieuwe sociale leren zien Bingham en Conner als volgt ‘The new social learning reframes social media form a mere marketing strategy to an approach that encourages and facilitates knowledge capture, transfer and use, connecting people in a way consistent with how we naturally interact. It is not a delivery system analogous to classroom training, e-learning of even mobile learning Instead, it is a powerful approach to sharing and discovering a whole array of options – some of which we may not even know we need, leading to more informed decision making… (pagina 9 en 11).

De auteurs nemen ook hun tijd om aan te geven wat het nieuwe sociale leren NIET is.

  • Sociaal leren is niet alleen voor kenniswerkers. Het kan iedereen empoweren in welke job of rol ook.
  • Sociaal leren is niet je intranet-site. Het intranet, gedeelde documenten, etc kunnen een onderdeel zijn van sociaal leren maar ze zijn vaak eerder taakgeoriënteerd dan community georiënteerd.
  • Sociaal leren staat niet haaks op formeel leren. Studenten die facebook of twitter gebruiken om over een cursus te praten, combineren sociaal en formeel leren. Trainers en leerkrachten kunnen sociale media voor, tijdens en na de formele leermomenten inzetten om het leren te vergroten.
  • Sociaal leren is geen vervanging voor training en ontwikkeling van medewerkers. Het is eerder een toevoeging.
  • Het is geen synoniem voor informeel leren alhoewel het er deel van kan uitmaken. Lezen en opzoekwerk is een voorbeeld van informeel leren dat niet sociaal is. Als je echter blogt over een boek dat je gelezen hebt, dan wordt het wel sociaal, want je deel het via sociale media.
  • Sociaal leren is iets anders dan e-learning.
  • Moocs opereren op een andere manier dan sociaal leren. Deze bieden voorgemaakte content aan aan een grote groep van leerders. Soms zijn er werkvormen aanwezig die sociaal leren bevorderen.
  • Veel sociaal leren gebeurt wanneer mensen alleen zijn. Het woord sociaal slaat in dit geval op de manier waarop de interactie gebeurt namelijk via interactieve tools.

De sociale tools waar Bingham en Conners het over hebben zijn niet noodzakelijk de klassieke sociale media zoals twitter, facebook en Linkedin. Vaker bedoelen ze  bedrijfsinterne sociale media en platformen die niet toegankelijk zijn voor buitenstaanders. Soms wordt daarvoor speciale software aangekocht of ontwikkeld, soms gebruiken bedrijven bestaande Entreprise Social Networks (ESN) zoals Yammer, Sharepoint of Google communities. Op deze netwerken heb je groepen rond bepaalde thema’s waar medewerkers vragen kunnen stellen, ervaringen kunnen delen, samenwerken, informatie uitwisselen, etc… Het leunt dicht aan bij een online community of practice.

In het nieuwe sociale leren spelen allerlei social tools een belangrijke rol en het is net dit aspect dat veel kritiek en argwaan meebrengt in organisaties. De auteurs bespreken  en weerleggen veelvoorkomende kritiek en dus weerstand vanaf pagina 38 in hun boek.

Ik haal er 3 uit de lijst van 10.

1.Tijd spenderen op sociale media betekent tijd-en productiviteitsverlies

 Nog altijd zijn er heel wat organisaties in België die hun medewerkers toegang tot het internet en dus sociale media ontzeggen. Het idee leeft blijkbaar dat medewerkers hun dagen zouden slijten op facebook of immoweb in plaats van te werken. Dit wil echter ook zeggen dat medewerkers niet de vertaling of correct spelling van een woord kunnen opzoeken. Of een filmpje zoeken op youtube over hoe je iets moet doen in Word, Outlook of Excel en dus blijven voortknoeien.

De auteurs merken bovendien terecht op dat het blokkeren van internet op de werkcomputer geenszins betekent dat medewerkers tijdens de werkuren niet op sociale media vertoeven. De eigen smartphone vult dat gat met veel plezier.

2.Medewerkers zullen ongepaste zaken posten/verspreiden via sociale media.

Wat de ongepaste inhoud betreft, hebben Bingham en Conner een leuk antwoord klaar. Als iemand een zak met ongepaste inhoud aan de deur van je kantoor zet, haal je niet de deur weg. Zoals zo vaak is wantrouwen (op de werkvloer) de oorzaak van allerlei oprispingen en van nog meer problemen.

Op bedrijfsinterne sociale media is het meestal onmogelijk om anoniem te posten. Dit vermindert de kans dat er ongepastheden worden geuit. Die medewerkers die dan toch nog ongepaste commentaren posten, nemen een groot risico. Je moet maar durven om ongepastheden uit te kramen op een plek waar iedereen je kan ‘horen en zien’.

Een simpele gedragscode maakt voor vele mensen gemakkelijk duidelijk wat wel en niet kan. Bovendien kan je ongepaste commentaar als administrator verwijderen en de persoon in kwestie hierop aanspreken.

3.Medewerkers zullen incorrecte informatie verspreiden via sociale media.

Dit is ook een kritiek die gemakkelijk te weerleggen valt. Vergelijk daartoe de volgende situaties.

Situatie A: Jos, een medewerker, heeft verkeerd informatie over je organisatie in zijn hoofd. In het beste geval vertelt hij deze aan een andere collega en een andere collega verbetert die. In de meeste gevallen is dat echter niet het geval en handelt Jos naar de incorrecte informatie in zijn hoofd.

Situatie B: Jos heeft verkeerd informatie over je organisatie in zijn hoofd en post die als antwoord op een vraag die een collega heeft gesteld. Andere collega’s verbeteren deze informatie. Jos heeft nu de juiste informatie in zijn hoofd, samen met alle andere collega’s die de conversatie op sociale media hebben gevolgd. Jos handelt nu naar de correcte informatie in zijn hoofd.

Ik weet welke situatie ik verkies.

Het nieuwe sociale leren leunt dus dicht aan bij on line communities of practice. Wat dat precies is ontdek je in deze video die ik heb gemaakt. Het is een degelijke inleiding in het onderwerp.

Word een pro

Een community of practice opzetten en levendig houden kan je leren! Met de online opleiding ‘Doe-het-zelf-pakket communities of practice kan je onmiddellijk aan de slag.

Bekijk de opleiding

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.